Verhalen

The Making of "Uit de Weg" - Synopsis & Scenario

Synopsis

Boer Abbink woont met zijn vrouw in een boerderij op het platteland in de omgeving van Beckum. Zijn naaste buren, de familie Wes wonen op een paar honderd meter afstand aan de zelfde weg. Abbink is tevens eigenaar van een pad dat van zijn erf naar één van zijn akkers loopt langs de boerderij van Wes. De familie Wes maakt ook al jarenlang gebruik van dit pad. Dit laatste tot ongenoegen van Abbink die van mening is dat Wes daar niets te zoeken heeft. Abbink uit zijn ongenoegen over de situatie geregeld bij zijn vrouw die ook vindt dat Wes daar niets te zoeken heeft en op zijn eigen grond moet blijven. Als het naar de mening van vrouw Abbink lang genoeg geduurd heeft raadt ze haar man aan maar eens met Wes te gaan praten. Dit gesprek lost echter niets op want Wes is van mening dat hij recht van overgang heeft op het pad en Abbink niet moet zeuren.

Als Abbink een paar dagen later ziet dat Wes toch weer van de weg gebruik maakt, gaat hij naar hem toe en verzoekt hem dringend van de weg te gaan. Wes reageert nogal laconiek , vindt al die drukte maar overdreven en gaat niet. Abbink komt helemaal overstuur bij zijn vrouw en laat zich in niet mis te verstane bewoordingen uit over zijn buurman.

Nu probeert Abbink zijn buurman met andere middelen van het pad te houden. Hij legt bijvoorbeeld zijn hond zodanig aan de ketting dat deze het pad kan bewaken. Als dit niet helpt, teert hij een deel van de weg in, maar ook dit helpt niet. Ondertussen is er een hooglopende ruzie tussen de beide boeren ontstaan, waar Abbink’ vrouw niet blij mee is. Ze ziet dat haar man zich helemaal vastbijt in de zaak en er de hele dag mee bezig is. Denkt bij zich zelf dit kan zo niet langer en gaat in gesprek met de pastoor. De pastoor nodigt beide boeren uit, en probeert te bemiddelen. Hierbij vallen van de kant van de boeren harde woorden, en hoe de pastoor ook aandringt, ze wijzigen niet van standpunt. Tenslotte stelt de pastoor voor om het kadaster te laten komen, en de uitslag hiervan zal dan bindend moeten zijn. Beide boeren kunnen hiermee leven en gaan toch wat beter gestemd huiswaarts.

Het kadaster komt, voert de nodige metingen uit en bestudeert de oude akten. Echter de zaak is zo gecompliceerd dat het niet tot een uitspraak komt.

Beide boeren volharden in hun eigen gelijk en de strijd laait weer fel op. Fataal wordt het als Wes staande op het omstreden pad zijn heg staat te knippen. En Abbink langs komt. Deze sommeert Wes onmiddellijk het pad te verlaten. Wes zegt niet zoveel, reageert wat lakoniek maar gaat ondertussen rustig door met het knippen van de heg. Abbink wordt razend, loopt scheldend naar zijn boerderij en komt even later met een geweer in de aanslag terug. Weer sommeert hij Wes te vertrekken, en als deze niet reageert lost Abbink enkele schoten, die geen doel raken. Echter, als Wes zich plotseling bukt, wordt hem dit fataal. Hij loopt een schotwond aan zijn hoofd op. En terwijl Abbink in paniek naar zijn boerderij vlucht komt de vrouw van Wes aangesneld en ontfermd zich over het slachtoffer. Wes wordt per ambulance overgebracht naar het ziekenhuis in Hengelo. Hier blijkt de verwonding mee te vallen. Na verbonden te zijn volgt politieverhoor, maar dan kan Wes terug naar zijn boerderij.

Abbink echter, wordt gearresteerd en moet zich verantwoorden voor de rechter.

(Bovenstaande heeft zich afgespeeld in het voorjaar van 1955 in de omgeving van Beckum. Dat is dus ook de plaats waar de opnames voor de film gemaakt worden.)

Scenario

(Dit scenario is de bewerkte vesie door Gé Kikkert. het oorsprokelijke scenario is geschreven door Reind Garritsen en Willi Fahrendorf)

"UIT DE WEG"

Voorjaar 1950

 

LOCATIE: omgeving boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 01

Het is rond het middaguur op een doordeweekse voorjaarsdag in de omgeving van Beckum.
Een blik op de wolken. Als de blik zich richting aarde beweegt, zien we een landelijke omgeving met daarin twee boerderijen. Als we wat beter kijken en vervolgens van de           
ene boerderij naar de andere, zien we bij de laatste boerderij enige bedrijvigheid. (op een geschikte plaats komt de titel: ‘UIT DE WEG’ met ondertitel: ‘GEBASEERD OP EEN WARE GEBEURTENIS’ in beeld.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 02

Nog dichterbij zien we Vrouw Abbink een broodmaaltijd buiten voorbereidt. Ze zet koffiepot en kopjes op tafel en loopt weer naar binnen. Boer Abbink komt aanlopen en neemt plaats aan tafel. De Vrouw komt naar buiten met brood, boter en beleg en begint het brood te snijden.

 

LOCATIE: Omgeving
SCÈNE NUMMER: 03

Boer Wes is op zijn akker bezig met paaltjes en prikkeldraad. De torenklok van Beckum slaat twaalf en:

Wes (zegt tegen zichzelf )
Wes jongen, je moet eerst wat eten

Hij pakt zijn gereedschap bij elkaar, zet dat tegen een boom en loopt vervolgens naar zijn fiets. Even later fietst Wes richting huis.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 04

Echtpaar Abbink zit inmiddels te eten maar veel conversatie is er niet.
Dan fietst Wes over het erf, en roept vriendelijk:

Wes:
“goeien dag” en “smakelijk eten”

en fietst verder richting het pad naast de boerderij.
Maar meer dan een schuchter:

Abbink:
“goeien dag”

kan er bij de Abbink niet af.
Als Wes het pad op fietst, schiet Vrouw Abbink overeind en zegt:

Vrouw Abbink
Kijk daar gaat hij alweer over ons pad.
Hij trekt er zich niets van aan dat we dat niet willen.
Daar moeten we toch eindelijk eens wat aan doen, want dat pad is van ons.
Hij heeft een eigen toegangsweg en heeft hier dus niets te zoeken.
Hij is gewoon te beroerd om een paar meter om te fietsen.
Het wordt tijd dat je Wes dat weer eens goed aan zijn verstand brengt.

Abbink (ook geëmotioneerd):
Ik ben het helemaal met je eens.
Maar aan de andere kant ik wil ook geen trammelant

Vrouw Abbink zit inmiddels weer tegenover haar man:

Vrouw Abbink:
Wat trammelant, ik wil dat je hem nu de waarheid zegt.

Abbink:
Ja, ja.

Vrouw Abbink:
Nee, niks ja, ja, je gaat er nu wat aan doen

Abbink: (kwaad, slaat met de vuist op tafel)
Morgen heb ik bij hem in de buurt nog wat te doen.
Dan praat ik met hem en moet het afgelopen zijn.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink achter
SCÈNE NUMMER: 05

De volgende morgen als boer Abbink de kippen heeft gevoerd loopt hij de schuur in en zet  een kruiwagen met daarin wat gereedschap buiten. Er ligt een hond aan een touw lui in de zon.Hij controleert nog even of alles er  in ligt, en gaat dan het pad op richting boerderij van Wes.

 

LOCATIE: Erf boerderij Wes
SCÈNE NUMMER: 06

Bij de boerderij van Wes is de Vrouw bezig met het ophangen van de was. Boer Wes komt op de achtergrond aanlopen met naast zich aan een touw één van zijn paarden.

 

LOCATIE: Weg naar boerderij Wes
SCÈNE NUMMER: 07

Boer Abbink is ondertussen de boerderij van Wes genaderd. Hij heeft zich onderweg flink kwaad lopen maken, en kijkt verre van vrolijk. Abbink parkeert de kruiwagen voor de boerderij en loopt de hoek om naar het erf.

 

LOCATIE: Erf boerderij Wes
SCÈNE NUMMER: 08

Boer Wes komt met het paard aanlopen bij zijn vrouw. Zij hangt de was aan de lijn.

Vrouw Wes:
Is er wat met het paard?

Ze laat de was liggen en loopt op het paard toe. Vrouw Wes  maakt zich zorgen over het paard. Geeft het paard een schouderklopje, voelt het paard eens aan de buik en zegt tegen de boer:

Vrouw Wes:
Ik denk dat je  de veearts maar moet laten komen.
Dit wordt zo van kwaad tot erger.

Dan komt boer Abbink (driftig) om de hoek en zegt:

Abbink:
Goeie morgen samen.

De familie Wes draait zich om naar boer Abbink zegt:

Wes en zijn vrouw:
Goeie morgen Abbink

Abbink is inmiddels aangekomen bij het echtpaar met het paard en valt met de deur in huis:

Abbink:
Wes, ik heb je vaker laten weten dat ik niet wil dat jullie mijn pad gebruiken.
Het is ook de laatste keer dat ik dat zeg, want ik pik het niet langer.
Jullie hebben een eigen weg, en hebben op mijn pad niets, maar dan ook niets te zoeken.

Boer Wes is niet zo snel kwaad en reageert rustig:

Wes:
Abbink, zo lang als wij hier wonen maken wij al  gebruik van dat pad.
En dat is al jaren geleden ook zo beschreven.

Boer Abbink windt zich steeds meer op:

Abbink:
Beschreven, wat beschreven?
Jij hebt helemaal niks op papier staan over dat pad.
Dat pad is van mij, en daar blijven jullie weg.

Vrouw Wes, wordt nu ook kwaad en zegt wat luider:

Vrouw Wes:
Weet je Abbink als je dat meent, kijk ik je nooit meer aan.
Zo ga je toch niet met je naaste buren om.

Boer Wes nog steeds de rust zelf:

Wes:
Ach vrouw, laat hem toch praten.
Hij heeft geen enkel recht om zoiets te doen.

En tot boer Abbink:

Wes:
Jij kunt maar beter gaan!
En dan nog wat, van dergelijke onzin trekken wij ons niks aan.

Boer Abbink wordt nog kwader en doet een paar passen achterwaarts:

Abbink:
Als je maar niet denkt dat ik het hierbij laat zitten.
Als ik één van jullie op mijn pad zie ben je aan de beurt.

Draait zich om, en loopt met grote passen van het echtpaar weg richting kruiwagen.

 

LOCATIE: Keuken boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 09

Op de boerderij van Abbink zit de Vrouw in de keuken aardappels te schillen. Boer Abbink komt (niet al te vriendelijk kijkend) binnen.

Abbink:
Goeien dag

De Vrouw veert op en valt met de deur in huis:

Vrouw Abbink:
Nou, wat zei hij?
Of ben je er soms niet geweest? “

Boer Abbink schuift aan tafel:

Abbink:
Natuurlijk ben ik er geweest.
Hij denkt dat hij rechten op dat pad heeft, en dat hij zich van mij niets zal aantrekken.

De Vrouw windt zich zichtbaar op zet het aardappelmandje op tafel en zegt de boer strak aankijkend:

Vrouw Abbink:
Wat denkt hij wel, je moet maatregelen treffen.

Boer Abbink wordt ook weer kwaad, slaat met de vuist op tafel:

Abbink:
Dat denk ik ook.
Het lachen zal hem snel vergaan.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 10

Een dag later is Vrouw Abbink het erf rond de boerderij aan het vegen. Boer Wes komt lopend met een schaap aan het touw op de boerderij van Abbink af. Even later loopt Wes in de richting van het omstreden pad, als Vrouw Abbink hem in de gaten krijgt. De Vrouw laat de bezem vallen en loopt tierend richting boer Wes. Die steekt ter begroeting zijn hand op en loopt verder rustig door.

Vrouw Abbink: (met opgestoken vinger)

Vrouw Abbink:
Is mijn man niet duidelijk genoeg geweest?
Niets heb je hier te zoeken, helemaal niets.
Ben je nu zo stom dat je dat nog niet begrijpt?
Als we je hier weer zien ben je aan de beurt.
We krijgen je wel rotboer.

Heel kwaad draait de Vrouw zich om en loopt terug naar haar bezem. Die pakt ze op, kijkt er naar en gooit hem vervolgens van haar af. Dan loopt ze met grote passen naar de keukendeuren slaat die even later met een flinke knal achter zich dicht.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 11

Boer Abbink slaat een stevige paal in de grond aan het begin van het omstreden pad. Hij loopt  een eindje terug naar de plaats waar de hond aan een touw ligt. De hond wordt met het touw aan de paal gelegd. Vervolgens controleert de boer of de hond het hele pad kan bewaken.Hij knikt tevreden en mompelt:

Abbink:
Mooi gedaan Abbink!

Boer Abbink pakt zijn gereedschap op en wandelt richting boerderij.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 12

Daar komt net zijn vrouw naar buiten. Abbink komt aanlopen van zijn werk met de hond, draait zich om en samen bekijken ze op afstand het resultaat en knikken tevreden.

 

LOCATIE: Pastorie buiten
SCÈNE NUMMER: 13

Vrouw Wes zet haar fiets tegen de gevel van een groot gebouw. Ze loopt naar de deur en belt aan. De deur wordt opengedaan en ze gaat naar binnen. Als we het gebouw wat nader bekijken blijkt het de pastorie van Beckum te zijn.

 

LOCATIE: Pastorie binnen
SCÈNE NUMMER: 14

Vrouw Wes zit tegenover de pastoor aan tafel en is inmiddels bezig met haar verhaal over het conflict. Op tafel thee en koekjes.

Vrouw Wes:
We hebben nu dus een groot probleem, waar de mannen niet uitkomen, en ik kan hier moeilijk mee leven.
Dat geruzie daar hou ik niet van en ’s-nachts slaap ik er slecht van.
Je kunt toch ook niet zonder je buren.
Nu dacht ik zo bij mij zelf als meneer pastoor eens met de mannen zou willen praten.
Naar U luisteren ze wel.
En dan zal aan dat geruzie wel een eind komen denk ik

Pastoor:
Ja als het zo’n groot probleem is dan moet er wat aan gedaan worden.
Anders gaat het van kwaad tot erger.
Vrouw Wes,  ik ben blij dat je langsgekomen bent.
Ik beloof je dat ik mijn uiterste best zal doen om deze kwestie op te lossen.

De pastoor staat op en steekt zijn hand uit. Vrouw Wes staat ook op en geeft de pastoor de hand.

Pastoor:
Tot ziens vrouw Wes, U hoort van mij.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 15

Boer Wes komt op de fiets bij het omstreden pad bij aan. Hij heeft een rol prikkeldraad op de fiets gebonden en wil zijn karwei in de omgeving van de kerk afmaken. Dan ziet hij de hond aan het begin van het pad. Maar ook de hond ziet boer Wes, en:

Hond:
slaat aan.

 

LOCATIE: Keuken boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 16

Vrouw Abbink hoort de hond komt gehaast naar buiten, Blijft in de deuropening staan en zegt:

Vrouw Abbink:
Nu zal het dan gebeuren eindelijk zijn we die last kwijt.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 17

Boer Wes is inmiddels van de fiets gestapt en gaat resoluut op de blaffende hond af. Het blaffen wordt minder als Wes nadert, en gaat over in het kwispelen van de staart. Wes
strijkt de hond over de kop, en zegt:

Wes:
Brave hond.

Boer Wes loopt terug naar zijn fiets, stapt heel rustig op en fietst verder richting boerderij van Abbink.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 18

Vrouw Abbink heeft het hele gebeuren gezien slaat de handen voor haar gezicht en is sprakeloos.
Wanneer Wes voorbij rijdt steekt hij de hand op naar Vrouw Abbink en zegt vriendelijk:

Wes:
Goeie dag.

Boer Wes fietst verder over het erf, de weg op  naar zijn karwei. Vrouw Abbink kijkt Wes verbouwereerd na. Ze wil nog wat zeggen maar van kwaadheid blijft het bij een loos gebaar.

 

LOCATIE: Omgeving boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 19

De volgende dag s’ morgens. De pastoor is onderweg naar de boerderij van Abbink.
Hij loopt te denken over het conflict en kijkt zorgelijk.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink achter
SCÈNE NUMMER: 20

Ondertussen nadert de pastoor de boerderij van Abbink waar de boer en de zijn vrouw druk bezig zijn. De Vrouw is in de weer met de tuin en de boer slijpt zijn bijl op een zandsteen. De pastoor komt aanlopen.

Pastoor:
Goeien dag samen

Boer Abbink en zijn vrouw kijken verwondert op, stoppen met hun werkzaamheden en lopen op de pastoor toe. De pastoor die hadden ze niet verwacht. Maar beiden groeten heel vriendelijk:

Abbink en zijn vrouw:
Goeien morgen meneer pastoor

Vrouw Abbink wijst uitnodigend naar de keukendeur en zegt vriendelijk:

Vrouw Abbink:
Komt U binnen meneer pastoor dan zet ik koffie.

Pastoor:
Vrouw Abbink ik ga met u mee naar binnen en ik heb ook wel zin in een kop koffie.

En zich tot boer Abbink richtend:

Pastoor:
Abbink, ga je ook even mee?
Ik heb je wat te vragen.

De boer knikt en gezamenlijk gaan ze via de deur naar binnen.

 

LOCATIE: Keuken boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 21

Onder het genot van een kop koffie (en een sigaar) staakt meneer pastoor  zijn verhaal af. De boer en Vrouw luisteren aandachtig en tenslotte eindigt hij:

Pastoor:
Ik denk dat het zo niet langer kan.
Er moeten knopen doorgehakt worden.
en daarvoor wil ik graag een gesprek met jouw en Wes.
Als volwassen mensen moeten we daar toch uit kunnen komen.
Abbink, kun je daar mee instemmen?

Boer Abbink ( kijkt verre van vrolijk):

Abbink:
Als meneer pastoor meent dat dat nodig is …….

Pastoor:
Afgesproken Abbink, je hoort binnenkort mij”

De pastoor staat op en schudt de boer en Vrouw de hand.

 

LOCATIE: Omgeving.
SCÈNE NUMMER: 22

De volgende dag aan het eind van de middag ontwaren we de pastoor met de beide boeren lopend tussen de akkers. De Pastoor loopt in het midden en van de boeren heeft Abbink het hoogste woord. Wat er gezegd wordt is niet te volgen, maar dat men het niet eens dat is duidelijk. Aangekomen bij een bank langs de weg wordt stilgehouden en de pastoor gaat met een zucht zitten. De boeren gaan ieder aan een kant van de pastoor zitten.

Pastoor:
Als ik had geweten dat het zolang zou duren dan hadden we beter in de kerk kunnen blijven.
Ik loop me een ongeluk met jullie geruzie en tot een oplossingen komt het maar niet.
Ik stel als laatste voor om het kadaster in te schakelen.
Die moeten de papieren maar opvragen en die kunnen ook metingen verrichten.
Maar ik eis dan wel van jullie dat de uitspraak van het kadaster bindend zal zijn.
Kunnen we dat hier samen afspreken?

 
Abbink:
Ja dat vind ik wel een goed plan.
Ik weet honderd procent zeker dat die overgang van Wes nergens in de papieren staat.

Wes: (nog steeds de rust zelve):
Ik snap echt niet dat al die drukte nodig is voor zo’ n onbenullig iets.
Maar als het niet anders kan vooruit maar.
Mijn vader heb ik nog nooit betrapt op leugens.
Hij heeft mij jaren geleden verteld dat dit allemaal beschreven is.
Dus voor mij staat het vast.
Laat het kadaster maar komen.

De pastoor staat op geeft beide boeren (die inmiddels ook staan) de hand en loopt weg. De beide boeren lopen de andere kant op. Wes voorop. Abbink treuzelt wat en even later loopt boer Abbink een tiental meters achter Wes aan richting boerderij.

 

LOCATIE: Omgeving.
SCÈNE NUMMER: 23

Een paar dagen later s’ morgens vroeg. Een volkswagen (kever) komt aanrijden over de provinciale weg. Het blijkt bij nader inzien een kadasterauto te zijn met een aantal rood/witte meetstokken op de imperial.

 

LOCATIE: Keuken boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 24

Op de boerderij van Abbink staart Vrouw Abbink uit het keukenraam. Boer Abbink trekt zijn jas aan en zegt:

Abbink:
Wat sta je toch te kijken

De Vrouw keert zich naar de boer:

Vrouw Abbink
Wil je me soms vertellen dat je dat niet weet?
Je hebt niet voor niets zo onrustig geslapen vannacht.
Denk je dat het slecht afloopt met dat gedoe van het kadaster?

Abbink:
Je mag wel weten ik ben er niet helemaal gerust op.
Wes lijkt zo zeker van zijn zaak.
Maar aan de andere kant, ik heb van hem nog nooit iets op papier zien staan.

De boer windt zich op en loopt ondertussen naar de deur:

Abbink:
Maar als het kadaster zo komt zal ik wel eens met die mensen praten.

Vrouw Abbink (met de vinger omhoog)
Als je dat maar uit je hoofd laat.
Jij laat die mensen met rust.
Alles is beschreven en daar kun jij niks aan toevoegen.
Dus jij gaat gewoon naar je land en laat je daar niet zien.
Begrepen?

De boer mompelt wat in zich zelf en verdwijnt door de deur, die hard in het slot valt.

 

LOCATIE: Begin van de weg.
SCÈNE NUMMER: 25

Abbink is daar al en kijkt strak voor zich. De kadaster auto is inmiddels het begin van de weg genaderd als op de fiets, boer Wes passeert en rijdt richting zijn boerderij. De auto stopt bij het begin van de weg. Twee kadastermedewerkers stappen uit.

 

LOCATIE: Erf boerderij Wes
SCÈNE NUMMER: 26

Op de boerderij van Wes wordt ook ondertussen ook over het kadaster gepraat. Wes komt aanrijden op zijn fiets en zet hem tegen de muur.

Wes:
Die lui van het kadaster zijn er ook.
Ze gaan de boel daar opmeten denk ik.

Vrouw Wes:
Eindelijk zijn we van dat gedoe af.
Zou het lang duren voor de pastoor de uitslag hoort?

Wes:
Ja, dat wel even duren.
Ambtenaren…………

Vrouw Wes knikt en loopt met haar man weg richting stal.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 27

De ambtenaren hebben intussen een paar meetpalen uitgezet en een theodoliet opgesteld. En zijn nu verdiept in een dikke stapel papieren. Abbink loopt terug naar zijn boerderij.

 

LOCATIE: Vlakbij pastorie
SCÈNE NUMMER: 28

Een paar weken later gaan de beide boeren richting kerk. Boer Abbink op de fiets. Hij haalt vlak voor Beckum  boer Wes in die lopend naar de kerk gaat. Abbink passeert Wes zonder groeten. Even later staat de fiets van boer Abbink voor de kerk. Abbink gaat naar binnen.

 

LOCATIE: Pastorie binnen
SCÈNE NUMMER: 29

De boeren zitten met de pastoor om tafel. De beide boeren naast elkaar de pastoor er tegenover. Op tafel een envelop van het kadaster, en koffie.  De pastoor leest voor uit de brief. De beide boeren zitten op het puntje van hun stoel en kijken heel verbaasd, als de pastoor het laatste deel van de brief voorleest:

Pastoor (leest voor)
De onderhavige zaak is zodanig beschreven en zo gecompliceerd dat de uitkomst van het onderzoek, dat heeft bestaan uit de bestudering van de oude akten en metingen ter plaatse, geen duidelijk antwoord op de gestelde vraag heeft opgeleverd. Derhalve ben ik van
mening ………………..

Bij deze laatste zin verlaten we de verbaasde boeren.

 

LOCATIE: Keuken van boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 30

Boer Abbink komt de keukendeur binnen (in zijn nette pak) en groet zijn vrouw die aan het aanrecht staat en bezig is met de afwas. 


Abbink:
Als je alles hebt gehad, kan dat er ook nog wel bij.

Slaat de deur hard in het slot. Trekt zijn jas uit en gaat aan tafel zitten. Vrouw Abbink stopt met de afwas en komt ook aan de tafel zitten.

Vrouw Abbink:
Maar wat is er dan gebeurd, alles is nu toch duidelijk.

Abbink: (kwaad)
Wat duidelijk?
Er is helemaal niets meer duidelijk in deze wereld.
Maar wat wel duidelijk is dat dit zo niet kan.
En als ze maar begrijpen dat ik niet over me heen laat lopen.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 31

De volgende morgen slepen Abbink en Vrouw Abbink een boomstam naar het omstreden pad en leggen die hier dwars over. Een dikke boomstam en dat kost zichtbaar moeite. Vervolgens gaan ze een eindje terug om het resultaat te bekijken. Beiden knikken tevreden en lopen
terug richting boerderij.

 

LOCATIE: erf boerderij Wes
SCÈNE NUMMER: 32

Boer Wes staat ondertussen met z’n fiets klaar om weg te gaan in de richting van het omstreden pad. Zijn vrouw komt naar hem toe en zegt:

Vrouw Wes:
Kun je nou na gisteravond nog wel over dat pad gaan?

Wes:
Ja, ik denk dat we maar door moeten zetten.
Anders denkt Abbink dat hij het gelijk aan zijn kant heeft.
En dat is niet zo.
Als we nu stoppen is het voor ons afgelopen.
Zo gemakkelijk komt hij er niet af.

Vrouw Wes:
Wees maar voorzichtig, die man is soms zo driftig.

Wes:
Hij maakt met mij de kachel niet aan.

Wes stapt op de fiets en rijdt vanaf zijn boerderij richting het omstreden pad. Zijn vrouw blijft hem nakijken.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 33

Even later komt hij bij de wegversperring.  Hij stapt af, bekijkt de situatie en fietst terug naar zijn boerderij.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 34

Boer en Vrouw Abbink hebben het voorval bekeken en zijn zeer tevreden.

Vrouw Abbink:
Eindelijk heeft hij het begrepen.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 35

Boer Wes komt echter terug met een (motor?)zaag achter op zijn fiets. Hij zet een oorkap op en start de zaag. (Of gaat zagen als het een handzaag is)

 

LOCATIE: Erf van boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 36

Het echtpaar Abbink, geschrokken van het geluid, snelt naar buiten. Abbink rent naar binnen en komt weer terug met een geweer.

 

LOCATIE: Begin van de weg
SCÈNE NUMMER: 37

Wes is inmiddels begonnen met het doorzagen van de boomstam. Hij kijkt niet op of om als Abbink en zijn vrouw op hem afkomen met veel lawaai. Ze schreeuwen onverstaanbaar door het zaaglawaai heen, maar boer Wes gaat onverschrokken door.

Abbink schreeuwt tegen Wes:
Als je niet onmiddellijk stopt schiet ik je hartstikke dood

Boer Wes  reageert niet op deze bedreiging en zaagt rustig door. Boer Abbink vuurt een paar schoten af die ver over gaan. Als boer Wes zich echter plotseling opricht, wordt hij geraakt door een kogel. Hij loopt een schotwond op aan zijn hoofd. Vrouw Abbink zet het op een gillen,  boer Abbink gooit het geweer van zich af en houdt zijn hoofd in zijn handen. Boer Wes ligt roerloos op de grond en bloedt aan zijn hoofd, uit een wond  boven zijn rechteroor. Vrouw Wes komt hard aanlopen en buigt zich over het slachtoffer. Na een korte blik op haar man gilt ze tegen de Abbink:

Vrouw Wes:
Hij leeft nog. Haal onmiddellijk de dokter.

Boer Abbink pakt het geweer van de grond en loopt op een draf richting boerderij. Zijn vrouw gaat naar het slachtoffer en gaat hevig ontdaan een gesprek aan met Vrouw Wes. Beide vrouwen zijn in tranen.

(We maken op de een of andere manier een sprong in de tijd)

Boer Wes wordt door twee broeders voorzichtig op een draagbaar getild.
De broeders lopen richting boerderij van Abbink.

 

LOCATIE: Erf boerderij Abbink
SCÈNE NUMMER: 38

Inmiddels komen er twee agenten het erf op. Ze gaan naar boer Abbink die op zijn erf zit te bekomen van de schrik. Hij zit met zijn hoofd in zijn handen als één van de agenten hem op de schouder tikt. Even later wordt boer Abbink afgevoerd tussen de agenten in. Hierbij moet even gewacht worden omdat de broeders met boer Wes net voorbijkomen.Boer Abbink werpt een blik op Wes. Deze kijkt op en geeft boer Abbink een knikje. Abbinks gemoed schiet vol en hij pakt Wes bij de schouder...

Abbink:
Dat het zover heeft moeten komen.
Ik snap niets van mezelf.
Zullen we deze onzin maar gauw vergeten?

Boer Wes knikt net zichtbaar want hij is er slecht aan toe.

Wes wordt verder gedragen naar de ambulance en Boer Abbink tussen de twee agenten loopt op enige afstand achter hem richting politieauto. De ambulance en politieauto zijn niet
te zien maar we horen even later de deuren van de auto’s dichtslaan, en de motoren starten. De ambulance zet de sirene aan. Vrouw Abbink en vrouw Wes blijven ontzet achter en kijken hun mannen na. Als de boeren uit het zicht zijn lopen ze samen naar binnen, de keuken van Abbink in. Deur dicht.

(vanaf een hoog standpunt) We laten de twee boeren wegvoeren. Bijvoorbeeld de hoek om van de boerderij. Uitzoom naar een totaal van de boerderij en daaroverheen de Eindtitel met credits.

Juni 2008