Verhalen

Video cursus - Les 2 - Cameravoering 01

Kwaliteit

Veel videofilms van beginnende filmers vertonen dezelfde fouten. In filmclubs noemen we dat dan ook de beginnersfouten. Wanneer de videofilmer duidelijk wordt gemaakt welke fouten hij maakt dan wordt zijn volgende film meestal al een stuk beter van kwaliteit. En dus ook aardiger om naar te kijken. Veel van die fouten zijn ook het gevolg van het feit, dat de filmer niet weet waar alle knopjes voor dienen. Als je dus langere tijd de camcorder niet hebt gebruikt, neem dan nog eens de gebruiksaanwijzing erbij en oefen met de camcorder het gebruik van al die knoppen. In veel camcorders zitten die 'knoppen' in het 'menu'. Dus in dat geval moet je daar zijn. Nu zetten we die beginnersfouten die gemaakt worden tijdens het opnemen van de film even op een rij.

Leuker

Geheugenkaartjes zijn bijna onuitputtelijk en videobandjes kosten bijna niks. Daarom worden shots vaak veel te lang gemaakt. Nu is het begrip 'lang' een beetje moeilijk uit te leggen. Zolang één enkel shot interessant blijft om naar te kijken is hij niet te lang. Maar meestal is het leuker om van één onderwerp meerdere shots te maken. Hoe doe je dat? Stel dat je een filmpje wilt maken van een aantal oude ambachten. Maak dan eerst een totaal shot van wat er te zien is. We zien dan de plaats waar zich alles afspeelt en we zien een paar ambachtlieden met publiek er omheen. Zo'n shot duurt misschien 8 seconden. Dat is lang genoeg. Daarna maak je een shot waarbij je één ambacht in beeld brengt met een paar mensen er omheen. En daarna maak je een aantal shots (die redelijk kort kunnen zijn) van de ambachtman en de handelingen die hij doet. We zien zijn handen aan het werk maar ook zijn gezicht. Dat noemen we close ups. En close ups zijn altijd redelijk kort. Deel je film dus in, in 'totalen', 'half totalen' en 'close ups'. Waarbij je ieder op zichzelf staand 'verhaaltje' begint en eindigt met een totaal beeld. Het 'totaal' aan het begin om de kijker duidelijk te maken waar we zijn en een 'totaal' aan het eind om afscheid te nemen van dit 'verhaaltje'. Daarna kun je opnieuw beginnen met het volgende 'verhaaltje'. Op die manier deel je je hele videofilm in, in allemaal korte 'verhaaltjes.

Tips

Nog een aantal tips om de beelden aangenaam op je TV-scherm te krijgen. Het beste is natuurlijk om een statief te gebruiken. Maar werk je 'uit de hand' maak dan alleen opnames in 'groothoek'. Voor de close ups moet je dan zo dicht mogelijk naar het onderwerp toe. Zoom tijdens het filmen niet in of uit als dat niet nodig is. Een inzoom heeft als functie om van de kijker aandacht te vragen voor het onderwerp wat je laat zien. Zoom dus niet zomaar ergens op in. Een uitzoom heeft als functie om 'afstand' te nemen van het onderwerp. Je bent klaar met dit onderwerp. Als je met de camera een beweging maakt (bijvoorbeeld) van links naar rechts dan noemen we dat een 'pan' (panorama opname). Een pan begint altijd met een stil staand beeld. Dan volgt de beweging (pan) en het shot eindigt weer met een stil staand beeld. Dat geldt voor elke 'beweging'. Een in- of uitzoom is ook een beweging. Dus ook hierbij geldt: beeld stil, dan de zoom en daarna weer stil. Kinderen filmen is leuk, maar wordt vaak niet goed gedaan. Mensen filmen, dus ook kinderen dat doe je in principe op 'ooghoogte'. Dus als je kinderen filmt, zak dan door je knieën om de camera op de ooghoogte van die kinderen te krijgen. Dat geldt vooral voor half-totaal en close ups.

In de volgende les kijken we verder wat we wel en niet met de camera kunnen doen.

Herzien juni 2014

Wil je naar les 3, klik dan hier.